dyslexie-onder-de-knie

 
  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size
Spelmoeilijkheden

Waarom is een fonetische strategie niet geschikt voor alle leerlingen?

Als iemand erg kleurenblind is, heeft het niet herkennen van kleuren een fysieke oorzaak en dit simpele feit wordt door iedereen zondermeer begrepen en geaccepteerd. We zouden nooit proberen een persoon met kleurenblindheid de kleuren te leren want we weten dat dit onmogelijk is. Als we dat toch zouden proberen is de frustratie allerzins begrijpelijk. Stel je eens voor hoe groot die frustratie zou zijn als de poging om kleuren aan te leren gedurende een periode van weken, of maanden of zelfs jaren zou aanhouden.

colourblindOp dezelfde manier als dat kinderen met kleurenblindheid kleuren niet kunnen onderscheiden en dit ook niet kunnen leren, zo vinden sommige kinderen met dyslexie het ongelooflijk moeilijk om de klanken van een woord te leren en die te combineren met de visuele spelling van een woord. Ouders en leerkrachten zijn zich al langer bewust van het feit dat sommige kinderen hier echt een probleem me hebben.

Tot vrij recentelijk waren cognitieve psychologen van mening is dat dyslexie een stoornis is die alleen lezen en schrijven aantast, niet spraak of gehoor, want kinderen met dyslexie kunnen zich meestal mondeling goed uitdrukken. Het moment dat men inzicht kreeg in het feit dat met mensen dyslexie nauwelijks merkbare hoorproblemen kunnen hebben, betekende een duidelijke doorbraak in het begrijpen van dyslexie problemen. Zo is bijvoorbeeld een van de problemen het niet kunnen opdelen van een woord in z’n individuele fonemen (klanken), als deze elkaar te snel opvolgen.

Onderzoek uitgevoerd door Dr John Gabrieli en Dr. Torlel Klinberg aan de Universiteit van Stanford in de Verenigde Staten, suggereert dat dit probleem te maken heeft met de snelheid waarmee geluidssignalen overgedragen worden in de zenuwbanen. Als de signalen te langzaam gaan, kan het zijn dat ze elkaar in de weg zitten met als gevolg dat de hersenen ze niet correct verwerken. Het onderzoek richt zich op fysieke oorzaken voor dit probleem en vermoed wordt dat een tekortkoming aan myeline-isolatie van de zenuwbanen er mee te maken heeft.

Toen twee groepen volwassenen, één met en één zonder dyslexie, een standaard leestest deden, lieten DTI scans van hun hersenen zien dat er een verschil was in het temporoparietale gebied van de linker hersenhelft. Dit is het gedeelte van de hersenen waar taalverwerking voornamelijk plaatsvindt.

Als het niet herkennen van individuele klanken van een woord als ‘mannetjesnijlpaard’ inderdaad of een fysieke- , of een cognitieve oorzaak heeft, dan is een andere methode om te leren spellen essentieel voor mensen met dit probleem.

Als een leerling met dyslexie moeite heeft met het in klanken verdelen van een woord, dan kan hij niet leren spellen door gebruik van een fonetische strategie. Bovendien lijkt het ook alsof zo’n leerling het moeilijk vindt om zich op natuurlijke wijze een visuele strategie eigen te maken zoals andere kinderen doen.

Het dyslexia@bay / dyslexie onder de knie systeem zorgt ervoor dat een leerling met dyslexie de fonetische strategie, die hij zo moeilijk vindt, kan vermijden, en rechtstreeks naar de visuele strategie kan doorstomen om te leren spellen. Het kind heeft dan niet alleen een effectieve strategie om te leren spellen, maar ook, doordat nu het lange termijn visuele geheugen gebruikt wordt, in plaats van het korte termijn auditieve geheugen, zal hij zich de nieuw geleerde spelling ook op de langere termijn weten te herinneren.

Het gebruiken van een visuele strategie heeft nog een groot voordeel, namelijk dat kinderen gemakkelijker leren woorden te identificeren tijdens het lezen en daardoor nieuwe woorden leren spellen tijdens het lezen. Dit klinkt misschien raar en toch is lezen de manier waarop de meesten van ons nieuwe woorden leren spellen.

 

Hoe leren de meeste mensen die geen leermoeilijkheden hebben nieuwe woorden spellen?

We kunnen de ‘nieuwe’ woorden hierboven identificeren omdat we ze verscheidene malen gelezen hebben en geleerd hebben te spellen door een onbewuste visuele strategie te gebruiken. Als je dit vreemd vindt, probeer dan het volgende:

Demonstratie:

Denk aan een aantal dagelijkse kruidenierswaren, misschien een bepaald broodbeleg, een bepaald merk koffie, een bepaald pak pasta of een bepaald blik met soep. Wanneer je aan die artikelen denkt en je denkt aan de verpakking zul je je de kleuren, vorm, maat en, het belangrijkste, de naam, herinneren. Stop nu even met lezen en maak een plaatje in je hoofd van één van de artikelen in z’n verpakking. Onderzoek het plaatje in je hoofd wat betreft kleur, vorm, maat en kijk naar de naam op de verpakking.

Als je dit gedaan hebt, stel jezelf de vraag of je de naam fonetisch leerde spellen door het te verklanken of visueel door het herhaaldelijk te zien?

Demonstratie:

Kijk naar deze woorden:

uitstekent, pragtich, magniviek

Ze kloppen niet he? Nee, ze kloppen niet. En toch zijn deze woorden goed gespeld als je een fonetische strategie gebruikt. De woorden kloppen niet want ons visuele geheugen merkt/herkent/weet dat deze woorden anders gespeld zijn dan de juistgespelde woorden die in ons geheugen opgeslagen zijn. Het is het visuele geheugen waar de spelling opgeslagen ligt, dat ervoor zorgt dat we ons de spelling van woorden op lange termijn kunnen herinneren.

 

Waarom schrijven mensen, als hen gevraagd wordt of een spelling juist is, het woord even op om te kijken of de spelling wel klopt?

Wanneer ons gevraagd wordt een woord te spellen dat niet vaak gebruikt wordt, helpt het om het woord even op te schrijven. We doen dit om het opgeschreven woord te kunnen vergelijken met wat er in ons visuele geheugen is opgeslagen. Als de spelling van het woord op papier hetzelfde is als de spelling van het woord in ons geheugen, dan krijgen we het ‘gevoel’ dat het de juiste spelling is. Het tegenovergestelde is ook waar, als de spelling van het opgeschreven woord niet overeenkomt met het woord in ons visuele geheugen. We krijgen het gevoel dat er iets niet klopt en we veranderen de volgorde van de letters, of zetten er wat nieuwe letters in, of halen er wat weg, totdat we het gevoel krijgen dat we nu de juiste spelling zien. De spelling van het woord op papier komt nu overeen met ons visueel geheugen van het woord, wat we ons waarschijnlijk herinneren omdat we het verscheidene malen gelezen hebben.

Demonstratie:
Neem een pen en papier en schrijf wat woorden op schrap daarin één of twee letters. Schrijf nog wat woorden op, en mix de letters door elkaar. Schrijf nog wat woorden op waarbij je er wat extra letters aan toevoegt..

Nu zul je begrijpen dat je je het woordbeeld van woorden herinnert door je visuele geheugen te gebruiken in plaats van de klank van die woorden in je auditieve geheugen.

Samenvattend, leren spellen door middel van een fonetische strategie is een goed startpunt voor de meeste kinderen die natuurlijk overgaan op een visuele strategie om de juiste spelling van woorden te leren. Het gebruik van een fonetische strategie lijkt een tussenstap te zijn, of een opstapje, op weg naar het ontwikkelen van een visuele strategie voor spellen. Echter, als het kind het moeilijk vindt om een fonetische strategie te gebruiken dan is dit tussenstapje niet bruikbaar en dus heeft het kind moeite met leren spellen. Na eerst z’n visuele geheugen ontwikkeld te hebben kan de leerling door een visuele spelmethode te gebruiken de fonetische stap omzeilen en rechtstreeks naar de visuele strategie gaan. Hierdoor kan hij leren spellen, zowel op de korte als op de lange termijn. Door het dyslexia@bay / dyslexie onder de knie programma gedurende bepaalde tijd te oefenen, leert het kind de juiste spelling te gebruiken wanneer hij verhaaltjes schrijft en kan woorden makkelijker herkennen tijdens het lezen.
 

Klik hier voor een (Engelse) video over het korte-termijn geheugen icon

Hoe leren de meeste kinderen spellen?

(Hoofdstuk 4 van het boek Dyslexia An Explanation)

Voordat we gaan kijken naar hoe we leren spellen, gaat onze aandacht naar de vraag hoe we ons geheugen gebruiken om spelling te onthouden. In Hoofdstuk 2 hebben we besproken hoe we allemaal op een andere manier leren – sommigen van ons zijn visuele leerlingen, sommigen auditieve leerlingen en weer anderen zijn practische leerlingen, de meesten van ons gebruiken een mix van leermanieren.
 

Wat zijn de verschillende soorten geheugen?

Er zijn (tenminste) drie verschillende manieren om dingen waar te nemen en te onthouden. Ze komen overeen met de drie zintuiglijke manieren van waarneming en worden genoemd: het visuele geheugen, het auditieve geheugen en het practische geheugen.

Visueel geheugen:
Wordt gebruikt om een afbeelding in herinnering te brengen van bijvoorbeeld een plaats waar we geweest zijn, een gezicht dat we kennen of een huis dat we bezocht hebben.

Auditief geheugen:
Wordt gebruikt om ons geluiden te herinneren, bv de woorden van een liedje, een gedicht of een kinderversje.

Practisch geheugen
Wordt gebruikt als we ons herinneren hoe we iets met ons lichaam doen, bijvoorbeeld fietsen, paardrijden, met een tennis racket slaan, zwemmen, een bal schoppen of een vislijn uitwerpen.

Zoals je hieronder kunt zien, leren de meeste kinderen op school eerst te spellen op basis van wat ze horen (fonisch), dat wil zeggen door hun auditieve geheugen te gebruiken, waarna ze op een natuurlijke wijze overgaan naar het spellen op basis van een plaatje in hun hoofd.

Hoe leren de meeste kinderen op school om te spellen?

Op school leren de meeste kinderen eerst de letters en bijbehorende klanken te herkennen. De volgende stap is het herkennen van korte woorden en de klank die bij die woorden hoort. Deze fonetische strategie, waarbij de klank van woorden gebruikt worden, past goed bij de meeste kinderen en door woorden met vergelijkbare klanken te introduceren, wordt geleerd de toepassing van spelling te verbreden.

Bijvoorbeeld:

  • mos
  • ros
  • los
  • vos
  • bos
  • os

Door deze methode te gebruiken leren kinderen meerdere woorden te spellen door maar een of twee letters te veranderen in een bekend woord. In het voorbeeld hierboven, leert het kind de spelling van zes woorden identificeren door een specifiek geluid te spellen, in dit geval is het geluid: ‘os’. Het kind maakt vervolgens kennis met korte zinnen waarin de zojuist geleerde woorden voorkomen. Voor de meeste kinderen is deze methode handig voor de woorden in de Nederlandse taal die fonetisch gespeld kunnen worden. Het is geen toeval dat de lijst van 100 meest foutgespelde woorden door kinderen, woorden bevat die niet klinken zoals ze gespeld worden, of dezelfde klanken die op twee manieren gespeld kunnen worden. En dat zijn alle woorden die de volgende letters bevatten:

au of ou

ch of g

i of ie

d of t

s of z

ij of ei

Dit betekent dat kinderen moeilijkheden kunnen hebben met het spellen van bijvoorbeeld: geit, meid, prachtig, blauw, vertrouwen, zonnestraal, knie klavertje vier, meisje, lief enz. maar ook met woorden die klinken alsof er twee klinkers zouden moeten staan in plaats van de voorgeschreven ene klinker: boom – bomen; droom – dromen.

Een fonetische methode werkt heel goed in een ondiepe spellingstaal, bijvoorbeeld Italiaans of Spaans waar de meeste woorden gespeld worden zoals ze klinken. Omdat in het Nederlands dezelfde klanken op meerdere manieren gespeld kunnen worden, is de fonetische spelmethode minder nuttig.

Echter, het leren spellen via klanken heeft het voordeel dat het kind een woord kan ‘aanvallen’. Dit betekent dat, als hij een woord leest dat hij niet herkent, hij dit in stukjes kan breken en door elk stukje uit te spreken kan het een woord als het ware worden ‘opgebouwd’.  Bijvoorbeeld, stel je voor dat een leerling deze zin probeert te lezen:

In de dierentuin zag de jongen een mannetjesnijlpaard.

Als het kind het woord mannetjesnijlpaard niet herkent, breekt hij het woord in stukken, bijvoorbeeld:

man-net-jes-nijl-paard

Door elk deel apart uit te spreken, kan hij de klanken van het woord ‘mannetjesnijlpaard’ opbouwen en zo het woord begrijpen en daardoor de hele zin begrijpen.

Dit is een van de redenen waarom spellingvaardigheden vaakt geleerd worden met behulp van een fonetische strategie. Echter, dit is niet geschikt voor alle kinderen.

De meeste kinderen die eerst geleerd hebben woorden te spellen met behulp van een fonetische strategie gaan automatisch door naar het identificeren van woorden ‘op zicht’, dat wil zeggen door hun visuele geheugen . te gebruiken.

Mensen zonder leesmoeilijkheden gebruiken geen fonetische strategie om te lezen. Terwijl je dit hoofdstuk leest, lees je dan elk woord door het fonetisch te verklanken of lees je omdat je elk woord visueel snel en makkelijk kunt identificeren? Het lijkt erop dat, nadat we eerst geleerd hebben een woord fonetisch te spellen, onze hersenen automatisch de herinnering van een woord omzetten van een auditieve herinnering naar een visuele herinnering – en dus naar een plaatje. M.a.w. onze hersenen gaan automatisch een visueel geheugen gebruiken in plaats van een auditief geheugen.

Als je ouder dan 25 bent, zijn de volgende woorden ‘nieuwe’ woorden (deze woorden bestonden 25 jaar geleden nog niet in onze alledaagse taal).

  • e-mail
  • Internet
  • Word processing
  • Spreadsheet
  • Database

De gemiddelde lezer identificeert deze ‘nieuwe’ woorden makkelijk, al zijn ze nooit via de fonetische strategie geleerd. Al hebben we op school in eerste instantie fonetisch leren spellen, de meesten van ons hebben deze strategie allang achter ons gelaten ten gunste van een visuele strategie om woorden te leren. Het lijkt erop dat een fonetische strategie een handig beginpunt is voor de meeste mensen om te leren spellen. Echter, het is niet altijd geschikt voor alle kinderen en al helemaal niet voor sommige kinderen met dyslexie.

In Nederland kan een fonetische strategie helpen om een woord te uit te spreken, maar niet altijd om het te spellen. Er zijn immers letter(combinatie)s die hetzelfde klinken maar anders geschreven worden. Hier kan de tekst om het woord heen soms helpen de juiste spelling (en betekenis) te bepalen. Bijvoorbeeld: De leider van het team lijdt aan reuma maar leidt toch het team nog heel goed. En soms is leren spellen een kwestie van het woordbeeld helder krijgen, zodat je gewoon weet wat de correcte spelling is, doordat je het woord correct hebt opgeslagen in je visuele kaartenbak van woorden in je hoofd. Bijvoorbeeld: geit (en niet gijt), prachtig (en niet pragtich), zandbak (en niet santbak) etc.

Echter, sommige kinderen met dyslexie lezen maar een woord tegelijk en vinden het daardoor moeilijk om betekenis uit de tekst op te maken, en dus moeilijk om te besluiten hoe een woord gespeld moet worden.